Bob Ross beweert dat iedereen kan schilderen en nu lijkt het erop dat iedereen ook ecomode kan maken. Zelfgefrunnikte vriendschapsbandjes zijn namelijk – weer eens – in de mode. En dat betekent dat mensen met twee linkerhanden (zoals ikzelf) eindelijk zelf een fashion item in elkaar kunnen sleutelen.
Het mooie aan de hernieuwde hipheid van vriendschapsarmbandjes is dat de zomerse accessoires gerust duurzaam genoemd mogen worden. Want wat is er meer milieuverantwoord dan een eigenhandig gemaakt sieraad van simpel ecokatoen?
Toegegeven, anno 2010 zijn vriendschapsarmbandjes het stadium van slordig geknoopte sliertjes ver voorbij. Trendy labels verwerken steentjes, kralen, metaal en zelfs zilveren en gouden schakels in de armbandjes. De prijzen zijn er dan ook naar: een armband met zilveren details van Alyssa Norton of Aurelie Bidermann kost al snel 200 euro. Dat zijn duidelijk must-haves voor fashionista’s met héle goede vrienden.
Posts tonen met het label ecokatoen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ecokatoen. Alle posts tonen
woensdag 4 augustus 2010
dinsdag 27 juli 2010
Ecokatoen krijgt concurrentie van koninklijk bamboe
De voordelen van bamboe voor het maken van kleding lijken te veel om op te noemen. Shirtjes dragen prettig omdat het materiaal zacht en ademend is. Bovendien is de kans op huidirritaties bij bamboe minimaal. En dan zijn er nog de milieuaspecten. Voor het maken van een stofje van bamboe zijn lang niet zo veel landbouwgrond, water, meststoffen en bestrijdingsmiddelen nodig als voor katoen.‘Wij beschouwen bamboe als een koninklijk gewas’, zegt Katja Buturlina, oprichter en eigenares van Royal Bamboo, een jong Nederlands modelabel dat collecties maakt van bamboe. ‘Het is een plant die al eeuwen de mensheid dient als bouwmateriaal, voedsel en medicijn. De plant vraagt daarvoor maar heel weinig terug van de aarde. Bamboe groeit als een raket, terwijl daar maar weinig water voor nodig is.’ Geen wonder dus dat bamboe al wordt gebruikt voor bijvoorbeeld vloeren, meubels, bruggen, hekwerken, papier, muziekinstrumenten, verfkwasten, vliegers en sushimatten.
Ook in de mode-industrie is bamboe geen vreemde. Zelfs verstokte katoengrootgebruikers zoals Petit Bateau hebben kleding van bamboe in de collectie. Meestal gaat het om een mix van 70% bamboe en 30% katoen. De t-shirts van Royal Bamboo bestaan voor 95% uit bamboe – daar is alleen nog 5% elastan aan toegevoegd, zodat de stof lekker elastisch aanvoelt. Bijzonder is ook dat de collectie van luxe basic shirts zich niets aantrekt van seizoensmodes, zodat je er lekker lang mee kunt doen.
‘Royal Bamboo heeft echt invulling gegeven aan het concept slow fashion’, vindt Katja Buturlina, die onlangs de tweede collectie Royal Bamboo op de markt bracht. De collectie, die onder andere wordt verkocht via webwinkel watMooi, bestaat uit drie damesshirts met een bijzondere korte mouw die in modebestendige kleuren verkrijgbaar zijn: zwart, wit en taupe. ‘Ik weet waar de fast fashion tekort schiet in het proces van collectioneren, produceren en transporteren. De planning van zelfs de grote gevestigde modebedrijven is altijd veel te krap, waardoor de druk op fabrikanten wordt opgevoerd, en goederen ingevlogen moeten worden om op tijd in de winkels te liggen. Om deze reden ben ik geen voorstander van snel wisselende collecties en doe ik niet mee met het copycat gedrag van de meeste modemerken.’
Royal Bamboo ziet een zonnige toekomst voor de alternatieven voor het nog altijd alomtegenwoordige katoen in de kledingindustrie. ‘Biologisch katoen is een leuk marketingverhaal, maar zet in de praktijk niet heel veel zoden aan de dijk voor het milieu. Katoen zal naar mijn idee behoorlijke concurrentie krijgen van heel veel andere gewassen. Naast bamboe wordt er intussen steeds meer gedaan met brandnetels en ook van melk kunnen prachtige stoffen worden gemaakt. Ik vind bamboe een mooi materiaal en de plant heeft iets mysterieus en Aziatisch, wat me aanspreekt. Dat heb ik met brandnetels een stuk minder!’
Labels:
bamboe,
brandnetel,
ecokatoen,
fast fashion,
petit bateau,
royal bamboo,
slow fashion
zaterdag 17 juli 2010
The Green Fashion Competition van start
‘We zijn op zoek naar de ontwerpers van de toekomst.’ Dat zei topmodel Lonneke Engel op 16 juli bij de lancering van The Green Fashion Competition. De prijsvraag, die bedoeld is om ontwerpers te stimuleren duurzame outfits te ontwikkelen, wordt gesponsord door de Amsterdam International Fashion Week en het ministerie van Landbouw. De aftrap vond dan ook plaats tijdens de AIFW, op een platgelopen grasveldje tegenover de tent waar de catwalkshows worden gehouden.
Lonneke Engel, die als ambassadrice voor The Green Fashion Competition optreedt, droeg een groene zomerjurk van Kentroy Yearwood. ‘Het zit lekker en het is fijn dat het eerlijk gemaakt is’, aldus het model. Dat zijn vast niet de enige redenen dat ze de jurk droeg, want van Yearwood was bij de lancering van de groene wedstrijd een installatie te zien.
De installatie bestond uit zeventien modellen met geschminkte gezichten die op kubussen van gerecyclede materialen poseerden. Ze showden de collectie Rangaku, die maar weer eens aantoont hoe hip verantwoorde mode kan zijn. Jeans met breed omgeslagen pijpen, jasjes met pofmouwen, roze jurkjes met onafgewerkte zomen, pantalons van voile-achtige stof met drukke prints – je zou alles zó willen hebben. En die kleding is dus gemaakt van biologische of gerecyclede materialen, geverfd met natuurlijke, milieuvriendelijke stoffen en ambachtelijk geproduceerd in fabrieken waar werknemers behoorlijk behandeld worden.
De presentatie van Kentroy Yearwoods collectie moest jonge ontwerpers waarschijnlijk inspireren om deel te nemen aan The Green Fashion Competition. Voor het handjevol journalisten, modellen en modefans dat voor de lancering was komen opdraven, bleef de bedoeling van de installatie op zijn zachtst gezegd raadselachtig. Zij hadden ongetwijfeld een antwoord willen hebben op de niet zo verantwoorde vraag: waar is die geweldige kleding te koop?
Lonneke Engel, die als ambassadrice voor The Green Fashion Competition optreedt, droeg een groene zomerjurk van Kentroy Yearwood. ‘Het zit lekker en het is fijn dat het eerlijk gemaakt is’, aldus het model. Dat zijn vast niet de enige redenen dat ze de jurk droeg, want van Yearwood was bij de lancering van de groene wedstrijd een installatie te zien.
De installatie bestond uit zeventien modellen met geschminkte gezichten die op kubussen van gerecyclede materialen poseerden. Ze showden de collectie Rangaku, die maar weer eens aantoont hoe hip verantwoorde mode kan zijn. Jeans met breed omgeslagen pijpen, jasjes met pofmouwen, roze jurkjes met onafgewerkte zomen, pantalons van voile-achtige stof met drukke prints – je zou alles zó willen hebben. En die kleding is dus gemaakt van biologische of gerecyclede materialen, geverfd met natuurlijke, milieuvriendelijke stoffen en ambachtelijk geproduceerd in fabrieken waar werknemers behoorlijk behandeld worden.
De presentatie van Kentroy Yearwoods collectie moest jonge ontwerpers waarschijnlijk inspireren om deel te nemen aan The Green Fashion Competition. Voor het handjevol journalisten, modellen en modefans dat voor de lancering was komen opdraven, bleef de bedoeling van de installatie op zijn zachtst gezegd raadselachtig. Zij hadden ongetwijfeld een antwoord willen hebben op de niet zo verantwoorde vraag: waar is die geweldige kleding te koop?
Labels:
aifw,
ecokatoen,
green fashion competition,
jeans,
kentroy yearwood,
lonneke engel
vrijdag 16 juli 2010
Niet te dol met wol
Biologisch katoen mag dan populair zijn, er zijn materialen die veel milieuvriendelijker zijn. Denk aan linnen, jute of hennep. Wol is, ondanks de natuurlijke connotaties, geen zinvol alternatief. De productie van wolvezels is namelijk niet bepaald goed voor het milieu.
Onderzoek van CE Delft laat zien dat de milieu-impact van katoen zo groot is, omdat deze stof veel gebruikt wordt. Maar liefst tweederde van kleding en huishoud- en textieltextiel bestaat uit katoen. Gemeten per kilo is de milieudruk van katoen hoger dan van de meeste andere vezels. Maar het is vooral de grote schaal waarop katoen wordt geproduceerd en gebruikt die zorgt voor de milieu-impact.
Wat dat betreft is het maar goed dat wol zelden in de mode is. Per kilo is de productie van wol namelijk het meest milieubelastend van alle textielsoorten. Bij de productie van wol worden bijvoorbeeld veel bestrijdingsmiddelen gebruikt tegen parasieten en schimmels. En dan is er nog niets gezegd over het dierenwelzijn. Ons beeld van zoete schaapjes in de wei, die in de zomer door een sympathieke herder liefdevol worden ontdaan van hun winterjasje, is natuurlijk onrealistisch.
Woolmark, het bekende keurmerk voor wol, verbiedt wel kinder- en dwangarbeid bij de productie van wol, maar stelt geen eisen aan dier- en milieuvriendelijkheid. Daarom komt het voor dat schapen hun leven met afgeknipte staart in megastallen doorbrengen, waar ze tot bloedens toe worden geschoren, om vervolgens in een bak ontsmettingsmiddel te worden gegooid. En dat is wat mij betreft een éxtra reden om te kiezen voor katoen of hennep.
Onderzoek van CE Delft laat zien dat de milieu-impact van katoen zo groot is, omdat deze stof veel gebruikt wordt. Maar liefst tweederde van kleding en huishoud- en textieltextiel bestaat uit katoen. Gemeten per kilo is de milieudruk van katoen hoger dan van de meeste andere vezels. Maar het is vooral de grote schaal waarop katoen wordt geproduceerd en gebruikt die zorgt voor de milieu-impact.
Wat dat betreft is het maar goed dat wol zelden in de mode is. Per kilo is de productie van wol namelijk het meest milieubelastend van alle textielsoorten. Bij de productie van wol worden bijvoorbeeld veel bestrijdingsmiddelen gebruikt tegen parasieten en schimmels. En dan is er nog niets gezegd over het dierenwelzijn. Ons beeld van zoete schaapjes in de wei, die in de zomer door een sympathieke herder liefdevol worden ontdaan van hun winterjasje, is natuurlijk onrealistisch.
Woolmark, het bekende keurmerk voor wol, verbiedt wel kinder- en dwangarbeid bij de productie van wol, maar stelt geen eisen aan dier- en milieuvriendelijkheid. Daarom komt het voor dat schapen hun leven met afgeknipte staart in megastallen doorbrengen, waar ze tot bloedens toe worden geschoren, om vervolgens in een bak ontsmettingsmiddel te worden gegooid. En dat is wat mij betreft een éxtra reden om te kiezen voor katoen of hennep.
zondag 11 juli 2010
Going green, yes we can!
Verandering is onvermijdelijk, schrijft Made-By in haar jaarverslag over 2009. De twee meest gebruikte materialen in de kledingindustrie – katoen en polyester – lijken hun houdbaarheidstermijn namelijk te naderen. Bij de productie van katoen wordt veel landbouwgrond en water gebruikt, en met de groeiende wereldbevolking zijn deze hulpbronnen steeds meer nodig voor onder andere voedsel en brandstoffen. En de toekomst van polyester, dat wordt gemaakt uit ruwe olie, is natuurlijk minstens zo grimmig.
Volgens Made-By, de organisatie die merken helpt om hun productie te verduurzamen, kan recycling enige soelaas bieden. Maar ingrijpende veranderingen in de kledingindustrie zijn echt een must.
Sinds Obama weten we dat verandering binnen ons bereik ligt, dus lijkt er geen reden tot algehele somberte. De cijfers die Made-By, dat in 2009 vijf jaar bestond, in haar jaarverslag presenteert, stemmen ook voorzichtig optimistisch. Made-By had in het afgelopen jaar contact met niet minder dan 200 bedrijven. Uiteindelijk werden er zes labels groener. Dat klinkt misschien teleurstellend. Maar met tegenvallende bedrijfsresultaten stellen modelabels beslissingen over verduurzaming nogal eens uit. Dat er toch nog zes ondernemingen over de groene streep zijn getrokken, is in het huidige economisch klimaat een resultaat waar Made-By trots op mag zijn.
Bovendien is volgens Made-By in 2010 de nodige verbetering te verwachten. Zo zijn er al acties ondernomen richting onder andere O’Neill, WE, Tommy Hilfiger en H&M. Door deze grootverbruikers van ‘foute’ kledingmaterialen op het juiste pad te brengen, zou het gebruik van duurzame materialen en de productie van sociaal verantwoorde kleding de komende jaren nog wel eens héél sterk kunnen stijgen.
Volgens Made-By, de organisatie die merken helpt om hun productie te verduurzamen, kan recycling enige soelaas bieden. Maar ingrijpende veranderingen in de kledingindustrie zijn echt een must.
Sinds Obama weten we dat verandering binnen ons bereik ligt, dus lijkt er geen reden tot algehele somberte. De cijfers die Made-By, dat in 2009 vijf jaar bestond, in haar jaarverslag presenteert, stemmen ook voorzichtig optimistisch. Made-By had in het afgelopen jaar contact met niet minder dan 200 bedrijven. Uiteindelijk werden er zes labels groener. Dat klinkt misschien teleurstellend. Maar met tegenvallende bedrijfsresultaten stellen modelabels beslissingen over verduurzaming nogal eens uit. Dat er toch nog zes ondernemingen over de groene streep zijn getrokken, is in het huidige economisch klimaat een resultaat waar Made-By trots op mag zijn.
Bovendien is volgens Made-By in 2010 de nodige verbetering te verwachten. Zo zijn er al acties ondernomen richting onder andere O’Neill, WE, Tommy Hilfiger en H&M. Door deze grootverbruikers van ‘foute’ kledingmaterialen op het juiste pad te brengen, zou het gebruik van duurzame materialen en de productie van sociaal verantwoorde kleding de komende jaren nog wel eens héél sterk kunnen stijgen.
Labels:
ecokatoen,
Made-By,
o'neill,
tommy hilfiger,
we
donderdag 8 juli 2010
Gaat groen langer mee?
Ik was geen kilo’s aangekomen, had de juiste maat gekocht. Toch scheurde ik onlangs uit een gloednieuw jurkje van fair trade en ecologisch verantwoorde makelij. Dat gebeurde, om het er allemaal nog gênanter op te maken, op de eerste dag dat ik het aan had. Eén ongelukkige armbeweging en met een veelbetekenend kraakgeluid scheurde de mouw onder de oksel los.
Was dit een kwestie van pech, of is het voorval symptomatisch voor de gebrekkige kwaliteit van kleding die als eerlijk en ecologisch wordt verkocht? Ik geloof graag in een ongelukkig toeval. Maar is er eigenlijk een reden om aan te nemen dat eerlijk geproduceerde kledingstukken van hogere kwaliteit zijn dan het spreekwoordelijke H&M’tje? Of dat biokatoen steviger is dan de milieubelastende variant (of het ordinaire, synthetische polyester)? En is een handgemaakte sjaal of tas duurzamer in gebruik dan de fabrieksvariant uit de confectie-industrie, zoals reclames altijd suggereren?
Kleding die wordt gemaakt door kansarme vrouwen in Utrecht (I-did), Lima (Misericordia) of Kaapstad (Carla bag) maakt het leven van de naaisters een beetje beter. Ik neem graag de proef op de som of deze met hart & ziel gemaakte juweeltjes ook lekker lang mee gaan. Jij ook?
Was dit een kwestie van pech, of is het voorval symptomatisch voor de gebrekkige kwaliteit van kleding die als eerlijk en ecologisch wordt verkocht? Ik geloof graag in een ongelukkig toeval. Maar is er eigenlijk een reden om aan te nemen dat eerlijk geproduceerde kledingstukken van hogere kwaliteit zijn dan het spreekwoordelijke H&M’tje? Of dat biokatoen steviger is dan de milieubelastende variant (of het ordinaire, synthetische polyester)? En is een handgemaakte sjaal of tas duurzamer in gebruik dan de fabrieksvariant uit de confectie-industrie, zoals reclames altijd suggereren?
Kleding die wordt gemaakt door kansarme vrouwen in Utrecht (I-did), Lima (Misericordia) of Kaapstad (Carla bag) maakt het leven van de naaisters een beetje beter. Ik neem graag de proef op de som of deze met hart & ziel gemaakte juweeltjes ook lekker lang mee gaan. Jij ook?
dinsdag 6 juli 2010
Rituals in de kleren
We kennen Rituals van cosmetica voor huid en huis. Binnenkort komen daar yogakleding en homewear bij. Het Nederlandse verzorgingsmerk maakt het zo nóg lekkerder om thuis te cocoonen.
Volgens Fashion United verschijnt de minicollectie van Rituals in augustus in de winkels. Er zijn items voor heren en dames. De broeken, tops, vesten en jurken zijn gemaakt van biologisch katoen.
Het Nederlandse cosmeticabedrijf Rituals werd in 1998 opgericht en promoot zijn producten als natuurlijk, eerlijk en milieubewust. Zo zijn de producten niet getest op dieren en bevatten ze nauwelijks synthetische ingrediënten. Een collectie vrijetijdskleding van biokatoen past helemaal in de bedrijfsfilosofie. Ik ben benieuwd of merken zoals The Body Shop, Aveda en Dr Hauschka zich ook op de kledingmarkt gaan storten...
Volgens Fashion United verschijnt de minicollectie van Rituals in augustus in de winkels. Er zijn items voor heren en dames. De broeken, tops, vesten en jurken zijn gemaakt van biologisch katoen.
Het Nederlandse cosmeticabedrijf Rituals werd in 1998 opgericht en promoot zijn producten als natuurlijk, eerlijk en milieubewust. Zo zijn de producten niet getest op dieren en bevatten ze nauwelijks synthetische ingrediënten. Een collectie vrijetijdskleding van biokatoen past helemaal in de bedrijfsfilosofie. Ik ben benieuwd of merken zoals The Body Shop, Aveda en Dr Hauschka zich ook op de kledingmarkt gaan storten...
Labels:
aveda,
dr hauschka,
ecokatoen,
ecomode,
rituals,
the body shop
zondag 27 juni 2010
Ecokatoen versus de strijd tegen malaria
Bijna 900.000 mensen gaan jaarlijks dood aan malaria. Het grootste deel van de slachtoffers woont in Afrika en is jonger dan vijf jaar. De strijd tegen malaria lijkt er – met dank aan de corrupte regeringen en inadequate ontwikkelingshulp – net zo hopeloos als die tegen aids.
Volgens een reportage in Time is er nog een - schokkende - reden dat de bestrijding van de malariamug, die wereldwijd zo’n 240 miljoen mensen per jaar ziek maakt, niet van de grond komt in Oeganda. Huizen mogen daar namelijk niet worden bespoten met insecticide, ook al zou dit het aantal slachtoffers in het gebied kunnen halveren. Het verbod op bestrijdingsmiddelen is het gevolg van een lobby van producenten van biologisch katoen die leveren aan Walmart, Nike en H&M. ‘The reality is that Baby Omara is dying so Baby George can wear organic’, aldus Time.
Of deze bewering klopt, is moeilijk te achterhalen. Opvallend is dat in de Nederlandse media nauwelijks aandacht aan het verhaal van Time is besteed. Maar als de productie van kledinglijnen van ecokatoen werkelijk gepaard gaat met een verbod op bestrijdingsmiddelen dat jaarlijks tienduizenden kinderen het leven kost, wordt het wel verdomd moeilijk om ‘groen’ gelijk te stellen aan ‘goed’.
Volgens een reportage in Time is er nog een - schokkende - reden dat de bestrijding van de malariamug, die wereldwijd zo’n 240 miljoen mensen per jaar ziek maakt, niet van de grond komt in Oeganda. Huizen mogen daar namelijk niet worden bespoten met insecticide, ook al zou dit het aantal slachtoffers in het gebied kunnen halveren. Het verbod op bestrijdingsmiddelen is het gevolg van een lobby van producenten van biologisch katoen die leveren aan Walmart, Nike en H&M. ‘The reality is that Baby Omara is dying so Baby George can wear organic’, aldus Time.
Of deze bewering klopt, is moeilijk te achterhalen. Opvallend is dat in de Nederlandse media nauwelijks aandacht aan het verhaal van Time is besteed. Maar als de productie van kledinglijnen van ecokatoen werkelijk gepaard gaat met een verbod op bestrijdingsmiddelen dat jaarlijks tienduizenden kinderen het leven kost, wordt het wel verdomd moeilijk om ‘groen’ gelijk te stellen aan ‘goed’.
vrijdag 25 juni 2010
Ecomode 10 procent duurder
Bewuste consumenten zijn bereid om tot 10 procent meer te betalen voor maatschappelijk verantwoorde producten zoals fair trade koffie, biologisch vlees en vrije uitloopeieren. Dat blijkt uit onderzoek van Robert Gielissen van de Universiteit van Tilburg. Deze bewuste consumenten zien het kopen van duurzame, eerlijke producten als hun morele plicht. Daarom zijn ze ook bereid om extra te betalen voor verantwoorde producten en enige moeite te doen om ze op de kop te tikken.
Gielissen concludeert in zijn onderzoek dat consumenten die goed geïnformeerd zijn over de problematiek rond eerlijke handel en maatschappelijk verantwoord ondernemen, vaker duurzame producten kopen. Duurzame bedrijven zouden er volgens hem dan ook goed aan doen om hun klanten via voorlichting, zoals documentaires en tijdschriftartikelen, te stimuleren om groen te consumeren.
De vraag is of deze vlieger ook opgaat in het geval van groene mode. Kiezen we een jeans van Circle of Trust omdat die zo’n sterk silhouet heeft, of omdat de producenten er een eerlijk loon voor hebben gekregen? Plunderen we de shirtjes van biokatoen bij H&M omdat we dan duurzaam bezig zijn, of omdat ze cheap & chic zijn? En we zijn bereid om winkel na winkel af te struinen voor het ideale paar pumps of het mooiste koopje, maar doen we dat ook om veganistische ballerina’s of fair trade horloges te vinden?
Wie regelmatig shopt in (web)winkels met een meer dan marginaal aanbod aan groene kleding, zal weinig moeite hebben om verantwoorde producten te scoren. Deze hoeven niet duurder te zijn dan designer labels of zelfs merken uit het betaalbare middensegment (lees: de Mexx-en en Invito’s van deze wereld). En je krijgt er nog een gesust geweten bij ook. Helemaal gratis.
Gielissen concludeert in zijn onderzoek dat consumenten die goed geïnformeerd zijn over de problematiek rond eerlijke handel en maatschappelijk verantwoord ondernemen, vaker duurzame producten kopen. Duurzame bedrijven zouden er volgens hem dan ook goed aan doen om hun klanten via voorlichting, zoals documentaires en tijdschriftartikelen, te stimuleren om groen te consumeren.
De vraag is of deze vlieger ook opgaat in het geval van groene mode. Kiezen we een jeans van Circle of Trust omdat die zo’n sterk silhouet heeft, of omdat de producenten er een eerlijk loon voor hebben gekregen? Plunderen we de shirtjes van biokatoen bij H&M omdat we dan duurzaam bezig zijn, of omdat ze cheap & chic zijn? En we zijn bereid om winkel na winkel af te struinen voor het ideale paar pumps of het mooiste koopje, maar doen we dat ook om veganistische ballerina’s of fair trade horloges te vinden?
Wie regelmatig shopt in (web)winkels met een meer dan marginaal aanbod aan groene kleding, zal weinig moeite hebben om verantwoorde producten te scoren. Deze hoeven niet duurder te zijn dan designer labels of zelfs merken uit het betaalbare middensegment (lees: de Mexx-en en Invito’s van deze wereld). En je krijgt er nog een gesust geweten bij ook. Helemaal gratis.
Labels:
Circle of Trust,
ecokatoen,
ecomode,
fair trade,
Invito,
Mexx,
Robert Gielissen
maandag 21 juni 2010
Ecomode voor het hele gezin
Duurzaamheid staat te boek als lastig, ingewikkeld en duur. Is het moeilijk om de eigen garderobe te vergroenen? Het kan ook eenvoudig zijn, zelfs voor de allerkleinsten onder ons. Zo is het trendy vest op deze foto met de hand gebreid van gecertificeerd ecokatoen.Het enige nadeel van dit initiatief tot verduurzaming is dat het hele gezin natuurlijk meteen zo’n uniek stukje modieus handwerk wil. Dat betekent werk aan de winkel voor het uitstervende soort vrouw dat op een avond een kabeltrui of kasjmier sjaal bij elkaar breit. En dan is er ook nog de kwestie van een ongetwijfeld onverwachte run op het miezerige aanbod aan ecogaren in de lokale fourniturenwinkel. Wat dat betreft is verduurzaming misschien toch niet zo eenvoudig…
maandag 14 juni 2010
Genoeg van oranje? Ga voor groen!
Wat is irritanter: de Vuvuzela toeter, of het feit dat de oranje Bavariajurk al vóór de start van het WK was uitverkocht? Een simpele vraag voor modeliefhebbers, want de DutchDress die dankzij Sylvie van der Vaart (en het labeltje Supertrash) de afgelopen maand over de toonbank vlóóg, is zelfs voor onverbeterlijke voetbalhaters een must-have. Dat lijkt in ieder geval het algehele gevoel over ‘het oranje jurkje dat iedereen past van Supertrash voor de vrouwelijke voetbalsupporter’.
Wat mij betreft mogen de oranje jurkjes samen met de Zuid-Afrikaanse toeter de prullenbak in. Het past iedereen en staat iedereen? Een rood-wit-blauw koord dat voor een ceintuur moet doorgaan? Tricot?!
Maar het allerergste aan de jurk die Sylvie van der Vaart bijna een stadionverbod bezorgde, is natuurlijk de productiewijze. Zouden de naaisters die het multifunctionele monster in elkaar hebben gezet, een redelijk loon krijgen? Kleuren de rivieren in het dorp waar dit jurkje gemaakt is, nu lekker oranje, omdat de fabriek het afval er gewoon illegaal in loost? Heeft Supertrash eigenlijk ooit van Max Havelaar of Made-By gehoord?
De promotie van het WK in Zuid-Afrika zou pas écht hip zijn als er wat meer groen te kopen is. Want zeg zou zelf, zou a little green dress van fairtrade eockatoen je niet veel beter staan dan dat oranje niemendalletje van ordinair tricot?
Wat mij betreft mogen de oranje jurkjes samen met de Zuid-Afrikaanse toeter de prullenbak in. Het past iedereen en staat iedereen? Een rood-wit-blauw koord dat voor een ceintuur moet doorgaan? Tricot?!
Maar het allerergste aan de jurk die Sylvie van der Vaart bijna een stadionverbod bezorgde, is natuurlijk de productiewijze. Zouden de naaisters die het multifunctionele monster in elkaar hebben gezet, een redelijk loon krijgen? Kleuren de rivieren in het dorp waar dit jurkje gemaakt is, nu lekker oranje, omdat de fabriek het afval er gewoon illegaal in loost? Heeft Supertrash eigenlijk ooit van Max Havelaar of Made-By gehoord?
De promotie van het WK in Zuid-Afrika zou pas écht hip zijn als er wat meer groen te kopen is. Want zeg zou zelf, zou a little green dress van fairtrade eockatoen je niet veel beter staan dan dat oranje niemendalletje van ordinair tricot?
Labels:
ecokatoen,
little green dress,
supertrash,
wk
Abonneren op:
Posts (Atom)