Posts tonen met het label katoen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label katoen. Alle posts tonen

dinsdag 13 maart 2012

Gruwelverhalen uit de modewereld

Met alle rampen en ellende die we dagelijks via de media voor ogen krijgen, zijn we misschien wel immuun geworden voor beelden van mensenleed in de modeindustrie. Toch zijn recent een aantal documentaires verschenen die het moeilijk maken de ogen te sluiten.

Neem de documentaire Bitter seeds, die laat zien dat er gemiddeld elk uur een katoenboer in India zelfmoord pleegt. De boeren sluiten leningen af met zaadproducenten, maar kunnen de 7 procent rente per maand niet terugbetalen als de oogst tegenvalt. Ze zien dan geen uitweg meer.

India is ook de plaats van handeling van het programma Blood, sweat & t-shirts. Zes fashionista’s bezoeken de sloppenwijken en kledingfabrieken in New Delhi waar hun outfits gemaakt worden. Ook deze beelden maken duidelijk welke schrijnende verhalen er achter onze mode kunnen schuilgaan.

Wie na deze beelden nog niet genoeg misere heeft gezien, kan altijd nog kijken naar de ARD-uitzending over de productie van fast fashion in Bangladesh. Of naar de ervaringen van twee Nederlandse journalisten in de goudmijnen in Colombia. Niet geschikt voor tere zieltjes.

woensdag 7 maart 2012

Katoenproductie neemt toe, en dat is goed en slecht nieuws

In 2011 bereikten de katoenprijzen een record. Dat confronteerde modebedrijven met stijgende kosten voor grondstoffen. Voor 2012 lijkt de situatie positiever. De teelt van katoen is namelijk toegenomen: met het vooruitzicht van forse opbengsten, hebben steeds meer boeren gekozen voor het verbouwen van katoen. En daarmee zullen de prijzen weer dalen, schreef Pamela Ravasio begin 2012 in The Guardian. De voorspellingen over dalende consumptie dragen bij aan de verwachte prijsdalingen.

Voor kledingproducenten is het goed nieuws dat de piek in katoenprijzen voorbij lijkt. Vanuit milieuperspectief is er minder reden tot optimisme. De groei in katoenteelt betekent een toegenomen milieubelasting. De teelt van katoen brengt, zoals bekend, veel waterverbruik en pesticiden met zich mee.

Volgens Pamela Ravasio, een Britse onderzoeker, journalist en consultant die is gespecialiseerd in duurzame textielprocessen, is er nóg een probleem met de uitbreiding van katoenteelt. Omdat katoen de boeren meer winst oplevert dan het verbouwen van voeding, dreigt het witte goud bij te dragen aan voedseltekorten in arme landen. In 2011 was het percentage landbouwgrond dat wereldwijd gebruikt wordt voor katoenteelt al veel groter dan het beschikbare land voor het verbouwen van voedingsstoffen.

Burgers die honger lijden omdat wij zoveel fast fashion willen kopen, het is een angstaanjagend idee. Volgens Ravasio is er wel een wenkend perspectief: als gevolg van maatschappelijke druk op overheden kan voedselproductie aan terrein winnen. Katoen is namelijk minder essentieel voor het dagelijkse leven dan voeding, en de teelt is complex. En als de voedselproductie wordt gestimuleerd, zou de wereldwijde katoenproductie kunnen verminderen.

Voor de modebranche zijn de pieken en dalen in de katoenteelt natuurlijk geen pretje. Pamela Ravasio benadrukt dan ook dat een stabiele katoenmarkt met adequate prijzen een voorwaarde is voor een duurzame mode-industrie. En als biokatoen daarin een stevige positie heeft, zou dat de duurzaamheid natuurijk nog groter maken.

vrijdag 24 februari 2012

Stappen naar fair trade

Een toetje met fair trade chocolade maken. Je vrienden op Facebook vertellen over je favoriete fair trade product. De lokale winkelier vragen naar de beschikbaarheid van fair trade producten. Het zijn voorbeelden van stappen die consumenten kunnen zetten om fair trade beter op de kaart te zetten. De Britse Fair Trade Foundation stimuleert deze initiatieven.

Van 27 februari tot en met 12 maart 2012 is het in het Verenigd Koninkrijk Fair Trade Week. De campagne richt zich op consumenten die een stap willen zetten richting een eerlijke levensstijl. Op die manier wordt boeren en arbeiders die fair trade werken een hart onder de riem gestoken, is het idee. Het streven is om in 2012 in totaal anderhalf miljoen stappen te verzamelen.

Iedereen die zich registreert op de website van de Fair Trade Foundation krijgt tips om stappen te zetten naar een eerlijke wereld. Korte films maken duidelijk welke armoedeproblemen er achter de oneerlijke handelsverhoudingen schuilgaan en wat fair trade hieraan kan veranderen. De kleine stappen die consumenten kunnen nemen, zullen uiteindelijk grote gevolgen hebben voor de werk- en leefomstandigheden van miljoenen arbeiders in ontwikkelingslanden, is de gedachte.

Naast bekende producten zoals thee, koffie en bananen staat ook katoen onder de aandacht van de Fair Trade Week. In Nederland vindt de Fair Trade Week in oktober, maar er is natuurlijk geen enkele reden om nu alvast een stap te zetten via de Engelse campagne.

donderdag 2 februari 2012

Miljoenen kinderen aan het werk in de katoenindustrie

Dat er kinderarbeid plaatsvindt in de kledingindustrie is – helaas – geen nieuws. In alle belangrijke katoenproducerende landen (China, India, Pakistan, Brazilië, Oezbekistan en Turkije) zou kinderarbeid voorkomen, met name bij de pluk van het zogenoemde witte goud. Recent zijn reportages gemaakt die weer eens de schrijnende situatie in beeld brengen.

Bij de teelt en de eerste verwerking van katoen in de Indiase stad Guarat wordt veel gebruik gemaakt van kinderarbeid, onthulde de BBC. De omroep trof op de katoenvelden vrouwen en meisjes aan van soms 10 of 11 jaar oud.

Lokale vakbonden schatten dat er in katoenindustrie in India een half miljoen kinderen werken. Maar liefst een derde van het totale aantal werknemers zou jonger dan zestien zijn, ook al is het volgens de wet verboden dat kinderen onder de zestien werken.

De BBC concludeert op basis van het onderzoek in India dat modebedrijven vaak wel kijken naar de arbeidsomstandigheden in fabrieken waar katoen wordt gesponnen en waar kleding in elkaar wordt gezet. Maar misstanden bij de teelt en eerste verwerking van de ruwe katoen blijven vaak buiten beeld.

Overigens ontdekte de Duitse omroep ARD tijdens een reportage in Bangladesh dat zich ook onder naaisters in kledingfabrieken de nodige kinderen bevinden. In een fabriek die als toeleverancier is betrokken bij de productie van H&M’tjes, ziet de ARD een meisje van 12 dat 16 uur per dag werkt. Ze woont met haar familie in volslagen armoede in de nabijgelegen slum.

De ARD concludeert dat de jeans van H&M, in vergelijking met de spijkerbroeken van drie andere prijsvechters, van redelijke kwaliteit en uiterst goedkoop zijn. En dat is wel een erg wrange conclusie na het zien van alle ellende in de productieketen.

woensdag 28 december 2011

Minder katoen

In 2012 en 2013 zal er minder katoen worden geproduceerd dan in de afgelopen twee jaar. Dat maakte de International Cotton Advisory Committee in december 2011 bekend. De reden? De afgelopen zijn steeds meer boeren begonnen met katoenteelt, omdat de katoenprijzen alsmaar stegen. Nu de prijzen door het groeiende aanbod stagneren, haken er ook weer producenten af.

De daling in de katoenproductie zal vooral zichtbaar worden in de twee grootste productielanden, verwacht de ICAC: China en India. In bijvoorbeeld Oezbekistan, de Verenigde Staten en Australië wordt geen daling voorzien.

In november 2011 werd voor het eerst een significante daling van de katoenprijzen gesignaleerd. Eerder dat jaar werd nog een recordprijs genoteerd.

Katoen is, ondanks de voorspelde productiekrimp, voorlopig nog altijd het meest gebruikte materiaal in de mode-industrie. De hoge katoenprijzen hebben het gebruik van biokatoen enigszins verminderd, maar dat kan positieve effecten hebben op het gebruik van bijvoorbeeld gerecycled polyester. En dat is goed voor verduurzaming van de modesector, want katoen behoort tot de meest milieu-onvriendelijke textielstoffen.

dinsdag 13 december 2011

Meer luxemerken gaan milieukosten bekend maken

Het Franse conglomeraat van luxe modemerken PPR gaat zich transparanter opstellen over duurzaamheid. Puma, een van de sport brands van PPR, presenteerde onlangs een verslag van de milieu-impacts van zijn collecties. De bedoeling is dat ook merken zoals Gucci en Yves Saint Laurent een groene kosten- en batenbalans gaan maken.

PPR is van plan om de milieu-impact van een volledige groep merken te gaan berekenen. Het zou gaan om onder meer Balenciaga, Alexander McQueen, Stella McCartney, Bottega Veneta, Boucheron, Girard-Perrecaux en Sergio Rossi. Stella McCartney staat al bekend om haar duurzame insteek: de dochter van Beatle Paul gebruikt geen dierlijke producten zoals leer in haar ontwerpen, en kiest voor bijvoorbeeld ecologische stoffen.

Het eerste verslag van Puma over de milieukosten van haar gehele productie- en distributiesysteem schat dat die kosten 145 miljoen euro bedragen. Daarin zijn de kosten berekend van landgebruik, luchtvervuiling, waterverbruik en CO2-uitstoot.

Volgens Puma zijn bijna alle milieukosten (94 procent) terug te voeren op de supply chain. Dat betekent dat een reductie van de milieu-impact een grote verandering vereist van toeleveranciers: de producenten van ruwe grondstoffen (zoals katoen) en de fabrieken die er kleding van maken.

dinsdag 29 november 2011

Duurzame bedrijven hebben geen strategie

Driekwart van de ondernemers in Nederland vindt zichzelf groen. Maar een minderheid (46,7 procent) zegt dat duurzaamheidsactiviteiten onderdeel zijn van een uitgewerkte strategie. Dat blijkt uit onderzoek van Sprout en Eneco onder 255 ondernemers.

Het lijkt erop dat bedrijven vooral kiezen voor duurzame activiteiten waar ze zelf beter van worden. Zo is de meest gebruikte groene maatregel energiebesparing. Dat is geen wonder als je bedenkt dat bijna een kwart van de ondernemers een energierekening heeft die minstens 5 procent van de totale bedrijfskosten omvat.
Toch zegt driekwart van de ondernemers (ook) vanuit ideeële overwegingen aandacht te besteden aan duurzaamheid in de bedrijfsvoering. Het moeilijkste vindt men om geld of tijd te vinden om te investeren in duurzaamheid.

Uit de onderzoeksresultaten is niet af te leiden uit welke bedrijfstak de respondenten afkomstig zijn. Maar het is onwaarschijnlijk dat er veel modeondernemers hebben meegewerkt. In de kleding- en textielindustrie is energiebesparing nauwelijks een topprioriteit – met de stijgende katoenprijzen lijkt het verduurzamen van stoffen veel urgenter. En welke groene ontwerper kan er eigenlijk zonder ideeële drijfveer?

woensdag 19 oktober 2011

Boycot van kinderarbeid in katoen

Meer dan zestig modebedrijven en winkelketens hebben aangekondigd katoen te boycotten die door kinderen in Oezbekistan wordt geplukt. Onder andere Adidas, Burberry, H&M, C&A, Walmart, Target, en Levi’s doen mee aan de actie.

In Oezbekistan worden volgens onderzoek jaarlijks twee miljoen kinderen gedurende twee tot drie maanden ingezet voor de katoenpluk. De kinderen, die soms niet ouder zijn dan zeven jaar, werken tien uur per dag. Ze worden vanuit hun huizen naar plantages vervoerd, waar ze maandenlang onder erbarmelijke omstandigheden werken en wonen. Ze worden blootgesteld aan giftige pesticiden en worden gedwongen een dagelijks quotum te halen.

De boycot van Oezbekistan kan grote effecten hebben op de textielindustrie. De voormalige Russische staat is een van de grootste katoenproducenten ter wereld.

donderdag 13 oktober 2011

Hoeveel slaven werken er voor jou?

Koffie, mobiele telefoons en t-shirts. Het zijn allemaal producten die gemaakt kunnen zijn door uitgebuite arbeiders. Wereldwijd werken er minimaal 27 miljoen hedendaagse slaven. Zij verbouwen koffiebonen, werken in goudmijnen of plukken katoen.

De nieuwe website Slavery Footprint laat zien welke rol gedwongen arbeid en uitbuiting speelt in onze levensstijl. Met een app kan je nagaan hoeveel slaven er werken voor consumptiegoederen zoals kleding en huidverzorging.

Slavery Footprint onthult ook confronterende informatie over bijvoorbeeld de productie van make-up: voor de glittertjes in onze cosmetica werken tienduizenden kinderen in India. En de website helpt je bij het sturen van brieven aan bedrijven zoals H&M en Zara, waarmee je druk kunt uitoefenen op hun productiebeleid.

maandag 5 september 2011

Stijgende katoenprijzen, goedkope kleding

Wat gebeurt er met de kledingprijzen nu katoen steeds duurder wordt? Dat vroeg de kritische Britse journalist Lucy Siegle zich onlangs af. In het voorjaar van 2011 bereikten de katoenprijzen een recordhoogte. En aangezien deze stof nog altijd tot de meest gebruikte materialen in de mode-industrie behoort, was dat slecht nieuws voor de makers van fast fashion.

Het goedkope katoen is de drijvende kracht achter de razendsnelle productie van goedkope kleding, zegt Siegle. De beschikbaarheid van het materiaal is fijn voor de modemerken die er alles aan doen om consumenten te verleiden tot veelvuldige aankopen van goedkope, vluchtige modeitems. Voor fabrieksarbeiders in lagelonenlanden – en hun omgeving, die de milieu-effecten van de teelt en productie ook meekrijgt – is de reguliere katoenproductie minder mooi.

De stijgende katoenprijzen zullen de snelheid van fast fashion niet afremmen, denkt Siegle. Slimme kledingproducenten kiezen ofwel voor een goedkoper alternatief, zoals polyester, ofwel voor lagere winstmarges. In beide gevallen blijven de kledingprijzen onaangetast, met als doel de koopverslaafden te blijven verleiden.

Als Siegle’s analyse klopt, zullen de economische crisis en de hoge katoenprijzen, die te maken hebben met problemen in de teelt in Pakistan en India, niet automatisch leiden tot een duurzamere modeindustrie. De transformatie van het modesysteem zal op zijn minst een actieve rol van ons consumenten vereisen.

woensdag 17 augustus 2011

Leger des Heils gaat zelf recyclen

Het Leger des Heils was al duurzaam met mode bezig door gebruikte kleding een tweede leven te gunnen en door winkels met verantwoorde mode te runnen. In augustus 2011 heeft de stichting aangekondigd nog een stapje verder te gaan: afdankertjes wordt gerecycled tot nieuwe stoffen waarvan kleding gemaakt kan worden. Met het project worden ook nog eens nieuwe arbeidsreïntegratieplaatsen gecreëerd voor cliënten van het Leger des Heils.

Het Leger de Heils is van plan om samen met partijen zoals het Texperium en Economic Development Board Almere nieuwe vezels produceren van afgedankt textiel. Tweedehandsjes worden vervezeld, van de vezels wordt garen gemaakt en met toevoeging van een deel nieuw katoen wordt hiervan een nieuw kledingstuk gemaakt. Het is onvermijdelijk dat bij het recyclingproces nieuw textiel wordt gebruikt, want wanneer katoen gerecycled wordt, worden de vezelfs korter waardoor de kwaliteit niet zo goed meer is als het origineel. Het Leger des Heils zegt opvallend weinig nieuw katoen te gaan gebruiken; met het oog op de concurrentie wil de onderneming niet zeggen om hoeveel het precies gaat.

Het nieuwe recyclingprogramma van het Leger des Heils ging van start met een bijzondere inzamelactie. Burgemeester Annemarie Jorritsma doneerde twee jeans, waarvan een nieuw kledingstuk wordt gemaakt dat ze in het najaar in ontvangst neemt.

maandag 25 juli 2011

Inditex kondigt groene koers aan

De nieuwe baas van Inditex, de onderneming achter modemerken zoals Zara, Berschki en Massimo Dutti, heeft aangekondigd meer aandacht te gaan schenken aan duurzaamheid. Tijdens een vergadering van aandeelhouders presenteerde Pablo Isla de duurzame strategie als de hoeksteen van alle bedrijfsactiviteiten. Hij somde recente groene initiatieven van het bedrijf op en maakte bekend dat Inditex zich aansluit bij het Better Cotton Initiative en The CEO Water Mandate.

Het Better Cotton Initiative zet zich in voor mens- en milieuvriendelijke katoenteelt. The CEO Water Mandate is opgericht om problemen die te maken hebben met wereldwijde waterschaarste te bestrijden en heeft tot doel om het juiste, duurzame gebruik van water te stimuleren.

Inditex wil ook de winkels van haar modemerken vergroenen. De winkels van Zara gelden tot nu toe als schoolvoorbeeld van dit beleid. In 2020 moeten alle winkels honderd procent eco efficiënt zijn, dat wil zeggen dat ze weinig water en energie verbruiken en een minimale hoeveelheid afval produceren.

donderdag 7 juli 2011

De opvolger van Kuyichi heet Kings of Indigo

Nederland is weer een nieuw jeansmerk rijker: Kings of Indigo (oftewel K.O.I.). Bedenker is Tony Tonnaer, die jarenlang directeur van Kuyichi was. Samen met twee partners zet hij nu een nieuw merk in de markt. Net als Kuyichi richt K.O.I. zich op duurzaamheid en authenticiteit.

K.O.I. wil werk maken van recycle, re-use, repair. Biologische stoffen zijn mooi, maar recycling is voor het milieu nog beter, aldus Tony Tonnaer. Ook om economische redenen is hergebruik aantrekkelijk, want de katoenprijzen stijgen de laatste tijd flink door.

K.O.I., dat aan inkopers wordt gepresenteerd tijdens de beurs Bread and Butter in Berlijn, brengt een compacte totaalcollectie. Er zijn jeans voor heren en dames, maar ook tops en accessoires. Het merk begint met de zomercollectie 2012 in Nederland, Duitsland en Zweden. Het is te hopen dat K.O.I. dan wat meer positieve media-aandacht krijgt dan Kuyichi de laatste tijd kreeg te verduren.

dinsdag 21 juni 2011

Minder fair trade katoen verkocht in Nederland

In Nederland zijn in 2010 meer producten met het fair trade keurmerk van Max Havelaar verkocht dan het jaar ervoor. Uit de jaarcijfers van Stichting Max Havelaar blijkt dat er sprake is van een groei van 57 procent. Het aantal huishoudens dat fair trade producten in het winkelmandje werpt is gestegen van bijna 40 procent in 2009 naar bijna 50 procent in 2010.

In totaal gaven we in 2010 120 miljoen euro uit aan eerlijke bananen, noten, koffie en andere fair trade voedingsmiddelen. Dat supermarktketen Plus sinds 2010 alleen nog maar bananen met het fair trade keurmerk verkoopt, heeft bijvoorbeeld bijgedragen aan de positieve cijfers. Inmiddels werken in Nederland 122 bedrijven met het wereldwijd toegepaste fair trade keurmerk; in 2009 waren dat er 107. Inmiddels liggen er wereldwijd 2700 verschillende eerlijke producten in de winkelschappen.

Helaas laat de verkoop van fair trade katoen geen positieve ontwikkeling zien. In Nederland werden in 2010 bijna 750.000 stuks katoenartikelen onder het keurmerk afgezet en dat is circa 10 procent minder dan in het jaar ervoor. De sterk gestegen prijzen (de hoogste in 140 jaar!) droegen daar volgens de Stichting Max Havelaar aan bij.

Hoopgevend is dat de belangstelling voor fair trade katoenartikelen vanuit de handel toeneemt. Het aantal bij Stichting Max Havelaar aangesloten licentiehouders in de katoensector steeg in 2010 van 11 naar 17 bedrijven. De eerlijke katoen vindt niet alleen in de vorm van kleding de weg naar de consument, maar wordt ook gebruikt voor bedrijfskleding en beddengoed in bijvoorbeeld hotels.

dinsdag 14 juni 2011

Wol is net katoen: onbetaalbaar

De wolprijs heeft een recordhoogte bereikt, waardoor kostuums van wol minstens tien procent duurder wordt. Dat maakte het Britse vakblad Drapers onlangs bekend. In Australië, de grootste wolproducent ter wereld, is de prijs van een kilo wol in een jaar tijd verdubbeld. De groeiende vraag naar grondstoffen voor textiel uit China en de overstromingen en droogtes in Australië hebben de wolprijs opgedreven.

Eerder dit jaar bereikten de katoenprijzen al een recordhoogte. Overstromingen in Pakistan, droogte in Rusland en natuurrampen in Australië zijn de belangrijkste oorzaken voor de snel slinkende katoenvoorraad.

Modebedrijven waarschuwen dat de consument de gevolgen van de stijgende grondstofprijzen in de portemonnee zal voelen. Kleding van katoen dreigt al maandenlang duurder te worden.

Vanuit milieuoogpunt is er één positief neveneffect van de duurder wordende grondstoffen voor textiel. Katoen en wol behoren namelijk tot de meest milieubelastende stoffen van de kledingindustrie. Wat dat betreft zouden de stijgende wol- en katoenprijzen wel eens kunnen leiden tot een toename van het gebruik van duurzamere alternatieven zoals bamboe en gerecyclede stoffen.

maandag 23 mei 2011

Milieuschade van Puma bedraagt 97,4 miljoen euro

Welke schade brengt Puma het milieu toe met de productie van kleding en schoenen? Volgens berekeningen van de sportgigant komen de jaarlijkse kosten van CO2-emissies en waterverbruik neer op 97.4 miljoen euro.

Puma bekeek de emissies en het waterverbruik binnen de gehele keten: de productie van ruwe materialen zoals katoen, het verwerken van de materialen tot stoffen, het bewerken van de stof (zoals verven en borduren), het maken van kledingstukken, en het ontwerpen, vervoeren en promoten van de eindproducten. Puma constateert dat het grootste deel van de milieuimpact afkomstig is van de productie van ruwe materialen, zoals de pluk en oogst van katoen, rubberproductie en het houden van vee voor leer. Van Puma’s bijna honderd miljoen euro aan milieuschade is maar 7,2 miljoen euro toe te schrijven aan kernactiviteiten van het bedrijf; de overige 87,2 miljoen staat op het conto van toeleveranciers.

Puma wil de opvallende rekenexercitie, die deel uitmaakt van het duurzaamheidsplan van moederbedrijf PPR, gebruiken om milieubelastende activiteiten te verminderen. Daar zit niet alleen een groen geweten achter, maar ook een commerciële bedrijfsstrategie: het terugdringen van milieulasten komt ten goede aan het minimaliseren van bedrijfsrisico’s.

Het is de vraag of Puma’s rekensom leidt tot groene maatregelen die, zoals het bedrijf verwacht, ook andere modemerken tot actie zal bewegen. Het grootste deel van de ecologische voetafdruk van Puma’s producten wordt veroorzaakt door onderdelen van de productieketen waarop het bedrijf maar zeer beperkt invloed kan uitoefenen, zoals de productie van ruwe stoffen.

donderdag 3 maart 2011

Katoenprijzen goed voor aandacht voor alternatieve textielmaterialen

De katoenprijzen hebben in februari 2011 een recordhoogte bereikt. De prijs, die nu boven de 2 dollar ligt, is sinds september vorig jaar verdubbeld. Overstromingen in Pakistan, droogte in Rusland en natuurrampen in Australië zijn de belangrijkste oorzaken voor de snel slinkende katoenvoorraad. De groeiende vraag naar katoen uit China maakt de situatie er voor de katoenverwerkende modeindustrie niet makkelijker op.

Het ligt voor de hand om aan te nemen dat de stijgende katoenprijzen zullen leiden tot duurdere kleding in de winkels. Maar er is ook een andere trend zichtbaar: ontwerpers en bedrijven gaan op zoek naar alternatieven voor katoen. Zo heeft H&M aangekondigd meer kleding te gaan recyclen en worden stoffen zoals tencel, kunstzijde en linnen populairder.

Of de krapte op de katoenmarkt positief uitpakt voor de verduurzaming van de modebranche, valt nog te bezien. Ook de prijzen van nylon, polyester en wol zijn gestegen, waardoor modebedrijven naar andere manieren zoeken om kosten te besparen, bijvoorbeeld het verplaatsen van productie naar goedkope landen zoals Bangladesh en Cambodja. En dat zijn vaak landen waar fair trade en behoorlijke werkomstandigheden nog ver te zoeken zijn.

Volgens trendwatcher Adjiedj Bakas is de kans dan ook groter dat alternatieve materialen zoals kunstzijde of stoffen gemaakt van bananenblad of boomschors het tekort aan katoen gaan opvangen. Ook consumenten kunnen hun steentje bijdragen door meer kleding te gaan hergebruiken. En in ieder geval van dat laatste wordt de modewereld vast een beetje groener.

zondag 23 januari 2011

Een beter mens na een duurzame make-over?

Als je een make-over met duurzaam signatuur hebt ondergaan, dan heeft je kledingkast – ongeacht je kleurtype – een groener kleurtje gekregen. Maar ben je zelf ook een beter mens geworden? Met andere woorden: helpt een Slow makeover om groene modeconsumenten te kweken?

De afgelopen weken onderging Rita Hagan, een thuisblijfmoeder die in gepaste stijl aan het werk wil, een Slow makeover onder begeleiding van Claudia Hulshof, Nederlands eerste duurzame stijladviseur. Bij zo’n uitgebreid programma krijgt de deelnemer niet alleen adviezen over een persoonlijke stijl, kleurenpalet en garderobe, maar ook tips voor groene mode, natuurlijke make-up en verantwoorde huidverzorging. Die praktische adviezen lijken een ideaal recept voor het vergroten van het duurzaamheidsbewustzijn van modeliefhebbers.

‘We worden er bepaald niet slechter van als we nadenken over de gevolgen van ons handelen, in dit geval van onze aankopen’, zegt Claudia Hulshof. ‘Je kunt zelf beslissen niet meer mee te doen met het circus van fast fashion, trends en modegrillen, dat veel dierenleed, milieuvervuiling en uitbuiting met zich meebrengt.’ Een duurzaam stijladvies laat zien dat respect voor mens, milieu en dier niet ten koste hoeft te gaan van er goed uitzien. Want het idee dat verantwoorde kleding onverenigbaar is met high fashion is allang achterhaald. ‘Het gehalte aan hippie-achtige ontwerpen is weliswaar hoger bij duurzame mode dan bij reguliere, maar aan de andere kant merk ik dat vooral in de media de riedel 'geitenwollen sokken imago' steeds weer wordt herhaald. Het zou me daarom niet verbazen als journalisten een steentje bijdragen aan dit clichébeeld.’

Of haar cliënten een blijvende verandering ondergaan na een duurzaam stijladvies, vindt Claudia moeilijk te zeggen. ‘De reden dat ik een stijladviseur ben die in duurzame stijl is gespecialiseerd, is simpelweg omdat het voor mezelf zo belangrijk is. Alles wat ik kan doen om naast 'mooier' ook een beetje 'beter' toe te voegen, geeft me voldoening.’ Is een duurzame stijladviseur onmisbaar om modeliefhebbers een beetje duurzamer te laten winkelen? ‘Winkelen kan iedereen, en de meeste mensen zullen ook wel in staat zijn duurzame opties te vinden, als ze er moeite voor willen doen. Ik maak dat makkelijker doordat ik de weg weet en veel informatie bied via mijn website. Maar mijn meerwaarde is vooral gelegen in het feit dat ik kan helpen een stijl te vinden die bij jouw persoonlijkheid past en waar je aantrekkelijker in wordt. Vervolgens kan ik je helpen die stijl in een zo duurzaam mogelijke stijl te vertalen.’

Rita Hagan, die naar eigen zeggen een redelijk groen geweten heeft, denkt dat ze door de Slow makeover meer duurzaamheidsbewust is geworden. ‘Het heeft mijn ogen geopend om meer informatie te zoeken over duurzame kleding. Het heeft me ook doen realiseren dat ik niet echt wist wat duurzaam is en daar wil ik meer over weten. Ik dacht bijvoorbeeld dat katoen en leer duurzaam waren omdat het natuurlijke materialen zijn. Ik wist niet dat duurzaamheid ook wordt bepaald door de manier waarop het materiaal is behandeld.’ Een groene garderobe is daarmee nog niet eenvoudig te bereiken. ‘Ik denk dat er op dit moment niet voldoende mainstream duurzame mode is. Hopelijk zal er in de nabije toekomst meer keuze komen.’

maandag 13 december 2010

Kleding van soja

Met het oog op duurzaamheid verschijnen steeds meer merkwaardige materialen op de kledingmarkt. Van bamboe, gerecyclede PET-flessen of brandnetel kijkt inmiddels niemand meer op. Melk en dennennaalden zijn al iets minder middle of the road. En nu is er ook nog soja. Het Franse merk Les Ateliers de la Maille komt met een stof die voor het grootste deel is gemaakt van soja.

Het aanbod aan sojakleding bij Les Ateliers de la Maille is niet gering: er zijn deze winter cardigans, jurken, vesten en sjaals. De sojamaterialen zijn gemengd met kasjmier, wat een luxe en zacht materiaal oplevert. Les Ateliers de la Maille noemt zichzelf niet voor niets 'nature-a-porter'.

Sojastoffen staan bekend als sterk, soepel, warm en zacht. Ze worden niet alleen gemengd met wol, maar ook met bijvoorbeeld hennep. Van zo’n combi wordt iedereen blij, want hennep is weliswaar een gewas dat eenvoudig ecologisch geteeld kan worden maar levert vaak nogal stugge stoffen op. Bij onder andere Nomads Hempwear uit Canada wordt hennep dan ook gemengd met bamboe, vlas, katoen en dus soja.

maandag 6 december 2010

Indiase arbeiders worden niet beter van kinderhandjes

Het loon van volwassen werknemers in de katoenzaadindustrie wordt aanzienlijk beter als kinderarbeid wordt afgeschaft. Dat blijkt uit een nieuw rapport over de Indiase economie. Als er geen kinderen meer voor een schijntje op de werkvloer verschijnen, kunnen volwassenen een beter loon bedingen, concludeert onderzoeker Davuluri Venkateswarlu.

Uit het onderzoeksrapport ‘Geen kinderarbeid – een beter loon’ van Landelijke India Werkgroep en FNV Mondiaal blijkt dat arbeiders in dorpen waar geen kinderarbeid meer voorkomt ruim twee keer zo veel loon ontvangen als arbeiders in dorpen waar nog wel kinderen werken. Door het verdwijnen van kinderarbeid verbeteren bovendien de arbeidsomstandigheden voor de volwassenen, die bijvoorbeeld arbeiders beter kansen krijgen om over te stappen naar een andere werkgever.

Natuurlijk is het uitbannen van kinderarbeid niet alleen goed voor de volwassenen om hen heen. De kinderen zelf worden er ook beter van: zij kunnen naar school en hebben daardoor als volwassene meer mogelijkheden om een goede baan te vinden. Wereldwijd zijn er ongeveer 218 miljoen kinderen aan het werk, met name in de landbouw. De katoenindustrie is berucht om de inzet van kinderen onder de vijftien, onder meer voor de pluk en zaadteelt.