Posts tonen met het label fast fashion. Alle posts tonen
Posts tonen met het label fast fashion. Alle posts tonen

woensdag 11 april 2012

Conscious collection wordt groot

Bandplooibroeken, zonnebrillen, riemen, galajurken, tunieken en smokingjasjes. Het lijkt erop dat de Conscious Collection, H&M’s duurzame kledinglijn, steeds groter wordt. De collectie, die in 2011 werd gelanceerd, is sinds april 2012 verkrijgbaar voor dames, heren, jongeren, kinderen en zelfs celebs.

H&M staat vooral bekend als fast fashion label dat sinds een aantal jaren een vleugje biokatoen in de winkels brengt. Kledingstukken die van een groen label zijn voorzien, bevatten bijvoorbeeld (deels) biokatoen. De Conscious Collection is veel gevarieerder. De nieuwe lijn bevat ook tencel, gerecycled polyester, gerecycled katoen en biologisch hennep.

Nieuw in 2012 is bovendien een exclusieve lijn gepresenteerd met avondjurken die op de rode loper niet zouden misstaan. Beroemdheden zoals Amanda Seyfried, Michelle Williams en Kristin Davis hebben al items uit deze collectie gedragen.

De Conscious Collections zijn onderdeel van een omvangrijk duurzaamheidsinitiatief van H&M om het gebruik van biologisch katoen en andere duurzamere materialen te stimuleren. In 2010 lamceerde de Zweedse modegigant een ambitieus actieplan om de bedrijfsvoering te verduurzamen. Jaarlijks verschijnt een rapport waarin de geboekte vooruitgang wordt beschreven.

woensdag 7 maart 2012

Katoenproductie neemt toe, en dat is goed en slecht nieuws

In 2011 bereikten de katoenprijzen een record. Dat confronteerde modebedrijven met stijgende kosten voor grondstoffen. Voor 2012 lijkt de situatie positiever. De teelt van katoen is namelijk toegenomen: met het vooruitzicht van forse opbengsten, hebben steeds meer boeren gekozen voor het verbouwen van katoen. En daarmee zullen de prijzen weer dalen, schreef Pamela Ravasio begin 2012 in The Guardian. De voorspellingen over dalende consumptie dragen bij aan de verwachte prijsdalingen.

Voor kledingproducenten is het goed nieuws dat de piek in katoenprijzen voorbij lijkt. Vanuit milieuperspectief is er minder reden tot optimisme. De groei in katoenteelt betekent een toegenomen milieubelasting. De teelt van katoen brengt, zoals bekend, veel waterverbruik en pesticiden met zich mee.

Volgens Pamela Ravasio, een Britse onderzoeker, journalist en consultant die is gespecialiseerd in duurzame textielprocessen, is er nóg een probleem met de uitbreiding van katoenteelt. Omdat katoen de boeren meer winst oplevert dan het verbouwen van voeding, dreigt het witte goud bij te dragen aan voedseltekorten in arme landen. In 2011 was het percentage landbouwgrond dat wereldwijd gebruikt wordt voor katoenteelt al veel groter dan het beschikbare land voor het verbouwen van voedingsstoffen.

Burgers die honger lijden omdat wij zoveel fast fashion willen kopen, het is een angstaanjagend idee. Volgens Ravasio is er wel een wenkend perspectief: als gevolg van maatschappelijke druk op overheden kan voedselproductie aan terrein winnen. Katoen is namelijk minder essentieel voor het dagelijkse leven dan voeding, en de teelt is complex. En als de voedselproductie wordt gestimuleerd, zou de wereldwijde katoenproductie kunnen verminderen.

Voor de modebranche zijn de pieken en dalen in de katoenteelt natuurlijk geen pretje. Pamela Ravasio benadrukt dan ook dat een stabiele katoenmarkt met adequate prijzen een voorwaarde is voor een duurzame mode-industrie. En als biokatoen daarin een stevige positie heeft, zou dat de duurzaamheid natuurijk nog groter maken.

dinsdag 28 februari 2012

40 dagen met zes kledingstukken

In de veertig dagen die voorafgaan aan Pasen, kan je een stapje terugdoen met vlees eten, alcohol drinken, cigaretten roken en koffie leuten. Britse fashionista’s hebben een andere uitdaging: veertig dagen niets anders dan zes kledingstukken dragen. Met de Six Items Challenge vraagt de ngo Labour behind the label aandacht voor sweatshops die onze fast fashion maken.

Volgens Labour behind the label, dat deel uit maakt van de internationale Clean Clothes Campaign, is de Six Items Challenge heel eenvoudig. Je kiest gewoon je favoriete zes kledingstukken uit je garderobe en zorgt ervoor dat je daarmee veertig dagen door komt. Accessoires, ondergoed, schoenen en sportkleding mag je onbeperkt blijven dragen.

Op de website van The Six Item Challenge zijn blogs te vinden van lotgenoten, en worden creatieve ideeën gedeeld om de veertig dagen op een zo modieus mogelijke manier door te komen. Daarnaast zamelt Labour behind the labour geld in voor nieuwe campagnes.

Met The Six Item Challenge roept Labour behind the label op tot een tijdelijke boycot van fast fashion. Zo’n boycot komt niet vaak voor, maar is nu bedoeld om consumenten bewust te maken van de arbeidsuitbuiting achter de goedkope mode die we in grote hoeveelheden kopen. Zoals de actiewebsite het samenvat: ‘consumption needs to slow down, the pressure on workers and the constant precariousness of jobs and wage levels needs to be addressed’.

The Six Items Challenge past in het rijtje van de Amerikaanse Six Items or Less en de Nederlandse Free Fashion Challenge. Maar die laatste twee initiatieven zijn een stuk ingrijpender, omdat fashionista’s die daar aan deelnemen een jaar lang geen kleding mogen kopen.

donderdag 15 december 2011

Vivienne Westwood helpt klimaat met megadonatie

De Britse ontwerpster Vivienne Westwood laat in woord én daad zien dat ze zich om het klimaat bekommert. De zeventigjarige redhead doneert een miljoen Britse pond aan Cool Earth, een organisatie die zich inzet voor het behoud van regenwouden.

Westwood steunde Cool Earth al langer. In 2010 ontwierp ze tafelkleden voor de organisatie, die voor het goede doel werden verkocht.

Ik heb me altijd bekommerd om het lijden van anderen, ook al deden andere kinderen dat niet. Dat zei Westwood onlangs in de Britse krant The Guardian over haar kindertijd. En op zeventigjarige leeftijd is ze nog altijd eigenzinnig. Of zoals de het zelf zegt: ik vecht tegen conformiteit.

Met haar eigen modelabel, dat ze samen met haar echtgenoot runt, probeert Westwood het tij van fast fashion te keren. Haar motto is: koop minder, en kies voor de beste producten.

maandag 3 oktober 2011

Prada met Made in India label

Dat luxe modemerken uit Europa de productie hebben verplaatst naar lagelonenlanden is allang geen geheim meer. Prada gaat nu wel erg ver. Het klassieke label met Made in Italy is vervangen door het onthullende Made in India.

Opvallend genoeg zijn de Pradatassen met het Made in India label geen goedkope lijn, maar maken ze juist deel uit van een limited edition collectie. Onder de noemer Made in… lanceert Prada sinds 2010 steeds vier collecties die ambachtelijk zijn gemaakt in bijzondere landen zoals Japan en Peru. Het doel? Een statement tegen snelle, massaal geproduceerde, geglobaliseerde mode.

Prada laat normaal gesproken ook een groot deel van de accessoires maken in India, of importeert leer uit het land naar andere lagelonenlanden voor de productie. Door de producten vervolgens naar Italië te verschepen voor de finishing touches, kan het modehuis van Miuccia Prada er toch nog een Made in Italy label in zetten.

donderdag 8 september 2011

Tweede Conscious Collection van H&M

H&M bewijst dat het serieus werk maakt van duurzame mode. Vanaf 6 oktober 2011 ligt namelijk de tweede Conscious Collection in de winkels. Daaruit blijkt dat de Zweedse fast fashion gigant op het gebied van groene mode verder gaat dan menig concurrent, voor wie een duurzame collectie vaak een eenmalig avontuur is.

Alle kleding uit de Conscious Collection is gemaakt van fijne materialen zoals biokatoen, biologisch linnen, gerecyclede wol of biologische hennep. De mode-items zijn geïnspireerd op de romantiek van de Zweedse folklore. Denk: jurken met bloemenprints, rokken van wit kant, blouses met pofmouwen en gebreide cardigans met broderie. Ook leuk: de Conscious Collection bevat nu ook interieurartikelen zoals kussens en spreien.

De perslancering van de tweede Conscious Collection komt trouwens op een ongelukkig moment. H&M raakte onlangs nog in opspraak vanwege een groot aantal zieken in productiefabrieken in Cambodja.

maandag 5 september 2011

Stijgende katoenprijzen, goedkope kleding

Wat gebeurt er met de kledingprijzen nu katoen steeds duurder wordt? Dat vroeg de kritische Britse journalist Lucy Siegle zich onlangs af. In het voorjaar van 2011 bereikten de katoenprijzen een recordhoogte. En aangezien deze stof nog altijd tot de meest gebruikte materialen in de mode-industrie behoort, was dat slecht nieuws voor de makers van fast fashion.

Het goedkope katoen is de drijvende kracht achter de razendsnelle productie van goedkope kleding, zegt Siegle. De beschikbaarheid van het materiaal is fijn voor de modemerken die er alles aan doen om consumenten te verleiden tot veelvuldige aankopen van goedkope, vluchtige modeitems. Voor fabrieksarbeiders in lagelonenlanden – en hun omgeving, die de milieu-effecten van de teelt en productie ook meekrijgt – is de reguliere katoenproductie minder mooi.

De stijgende katoenprijzen zullen de snelheid van fast fashion niet afremmen, denkt Siegle. Slimme kledingproducenten kiezen ofwel voor een goedkoper alternatief, zoals polyester, ofwel voor lagere winstmarges. In beide gevallen blijven de kledingprijzen onaangetast, met als doel de koopverslaafden te blijven verleiden.

Als Siegle’s analyse klopt, zullen de economische crisis en de hoge katoenprijzen, die te maken hebben met problemen in de teelt in Pakistan en India, niet automatisch leiden tot een duurzamere modeindustrie. De transformatie van het modesysteem zal op zijn minst een actieve rol van ons consumenten vereisen.

dinsdag 30 augustus 2011

Hoe Zara de mode-industrie veranderde

Voor de gemiddelde fashionista is Zara misschien een weinig opmerkelijke winkel. De Spaanse keten verschilt op het eerste oog nauwelijks van H&M, Mango, Esprit of Topshop. Toch heeft het bedrijf de mode-industrie getransformeerd, schreef Lucy Siegle onlangs op Ecouterre.com. Het was namelijk Zara die fast fashion naar een hoger plan tilde door kleding in relatief kleine oplagen te produceren.

Zara heeft 200 ontwerpers in dienst, die ongeveer 40.000 nieuwe ontwerpen per jaar maken. Daarvan worden er zo’n 12.000 daadwerkelijk gemaakt. Dat is 4000 meer dan de belangrijkste rivaal, Topshop. Gemiddeld bezoekt een klant van Zara 17 keer per jaar een filiaal van het Spaanse modemerk. Dat is aanzienlijk meer dan de vier bezoeken waarop de gemiddelde modewinkel kan rekenen.

Lucy Siegle, die bekend is geworden door haar kritische modeboek 'To Die For', noemt Zara’s uitvinding ‘blink-and-you-miss-it-fashion’. En daar is ze niet enthousiast over. Want deze marketingtechniek heeft ons afgeleerd om twee keer per jaar op zoek te gaan naar kwalitatief hoogwaardige kleding. In plaats daarvan raken we verslaafd aan het kopen van zo veel mogelijk kleding – zelfs als dat neerkomt op twintig nieuwe aankopen per jaar. En je hoeft geen groen heilig boontje te zijn om in te zien dat zulk koopgedrag weinig duurzaam is.

dinsdag 16 augustus 2011

Topshop komt met ecologische wol

De Britse fast fashion keten Topshop heeft een samenwerking aangekondigd met Izzy Lane, dat kleding produceert van verantwoorde wol. De minicollectie, die bestaat uit drie jassen, verschijnt ter ere van Wool Week 2011. Bij de start van deze week, die is bedoeld om het gebruik van Britse wol te promoten, op 5 september zijn de kledingstukken in de winkels te vinden.

De prijzen van de jassen die Izzy Lane voor Topshop maakte, liggen rond de £200. Van iedere jas worden niet meer dan 150 exemplaren op de markt gebracht. Isobel Davies, oprichtster van Izzy Lane, is een overtuigd vegetariër – de jassen bevatten dan ook geen leer en zijn voorzien van nepbont.

Het Engelse label Izzy Lane bestaat sinds 2007 en maakt wol die afkomstig is van een eigen kudde van 600 schapen. Het garen wordt verwerkt, gesponnen en geweven in het Verenigd Koninkrijk.

vrijdag 22 juli 2011

Azzedine Alaia tegen fast fashion

'Here today, gone tomorrow'. Dat lijkt het motto van fast fashion, de goedkope wegwerpartikelen die uit de schappen van de gemiddelde modewinkel worden gegrist. De snelle omloopsnelheid van onze mode-industrie is niet alleen slecht voor het milieu, maar ook onmenselijk. Dat laatste is in ieder geval de mening van de van oorsprong Tunesische ontwerper Azzedine Alaïa.

‘A one-way course towards emptiness’, zei Alaïa onlangs in een interview met Business of Fashion. Vier collecties voor heren, vier voor dames en nog eens vier als special – Alaïa vindt het een onmenselijk tempo dat de creativiteit van ontwerpers vernietigt. De ontwerper brengt sinds 1980 zijn eigen collecties op de markt, maar doet niet mee aan het circus van de snelle mode.

De uitspraken van Azzedine Alaïa, wiens ontwerpen worden gedragen door onder andere Michelle Obama, Madonna, Victoria Beckham en Miley Cyrus, kunnen worden gezien als hart onder de riem van aanhangers van slow fashion. En dat is goed nieuws, want wie weet wat er met de mode-industrie gebeurt als meer verfaamde ontwerpers zich tegen fast fashion uitspreken.

dinsdag 21 juni 2011

November 2011: Versace voor H&M

Donatella Versace, creatief directeur van Versace, ontwerpt voor het najaar van 2011 een collectie damesmode, herenkleding en interieurartikelen voor H&M. De collectie, die door H&M wordt omschreven als iconisch, is vanaf 17 november 2011 verkrijgbaar.

Met de damescollectie voor H&M blikt Versace terug op het erfgoed van het modemerk met veel jurken, hoge hakken, leer, prints en kleur. ‘De collectie voor H&M is alles waar Versace voor staat – flamboyant en glamourous’, aldus H&M in het persbericht over de samenwerking, waarmee Versace in het voetspoor treedt van onder meer Karl Lagerfeld, Viktor & Rolf, Jimmy Choo en Lanvin.

Dat er legendarische ontwerpen van Versace voor spotprijsjes bij de H&M komen te hangen, is goed nieuws voor fashionista’s en merkverslaafden. Vanuit duurzaamheidsperspectief is het jammer dat H&M niet met een groenere ontwerper in zee is gegaan. De collectie van Versace voor H&M staat bol van leer en zijde, wat natuurlijk niet bepaald duurzame materialen zijn. En de sieraden die Versace voor heren heeft bedacht, zouden wel eens kunnen uitpakken als fast fashion met een hoog wegwerpgehalte.

Tot nu toe is alleen de collectie die Stella McCartney in 2005 voor H&M verantwoord te noemen. Hopelijk komt daar volgend jaar dan eens verandering in.

dinsdag 24 mei 2011

Jubileum voor The dress I made

Op 25 mei 2011 viert Renske Solkesz een indrukwekkend jubileum: ze heeft dan een jaar lang uitsluitend zelfgemaakte kleding gedragen. Op de website The dress I made doet ze verslag van haar capriolen achter de naaimachine.

Renske Solkesz startte The dress I made uit frustratie met de wegwerpmode van H&M en de buitensporige prijzen van designer brands. Maar ook uit een zorg over de uitwassen van onze fast fashion cultuur met haar razendsnelle omloopsnelheden, erbarmelijke werkomstandigheden in textielfabrieken en een gebrek aan respect voor natuurlijke hulpbronnen.

Solkesz is een fan van slow fashion, ambachtelijke productiemethoden en kleding van hoge kwaliteit. Na een jaar van zelfgemaakte kleding is die liefde niet bekoeld. In tegendeel, de zelfproducerende ontwerpster, die tassen en accessoires verkoopt via Etsy, is naar eigen zeggen alleen maar meer van kwaliteitsproducten gaan houden. En het modewinkelen mist ze in het geheel niet.

Het eenjarige jubileum van The dress I made wordt gevierd met een kledingruilfeest in Den Haag. Want dat dertig procent van alle textielproducten ongedragen bij het afval verdwijnt, vindt Solkesz afschuwelijk.

vrijdag 20 mei 2011

Lucy Siegle: fast fashion is dodelijk voor onze planeet

'To die for'. Dat is de titel van een nieuw boek van de Britse modejournaliste Lucy Siegle. Haar boodschap is simpel: we kopen steeds meer kleding van goedkope makelij – en dat is desastreus voor onze planeet.

Uit cijfers blijkt dat de gemiddelde Britse vrouw nu vier keer zoveel kleding koopt als dertig jaar geleden. Gemiddeld geeft ze jaarlijks 625 pond uit aan mode. Omdat kleding steeds goedkoper is geworden, komt dat neer op de aankoop van 28 kilo aan textiel per jaar. En dat betekent de vorming van een enorme afvalberg, want het grootste deel van de goedkope masaasmode wordt voortijdig afgedankt.

Siegle richt haar pijlen ook op de mensen die fast fashion mogelijk maken: de meer dan 40 miljoen fabriekswerknemers en 30 miljoen textielarbeiders in lagelonenlanden die onze kleding in elkaar zetten. Zij werken tegen erbarmelijke lonen en onder hoge tijdsdruk aan onze high street must-haves.

De oplossing die Siegle voorstelt? Investeer in kwaliteitsstukken waar je lang mee doet en koester deze zo lang mogelijk. De ervaring leert dat we 80 procent van onze tijd doorbrengen in 20 procent van onze garderobe. Dat betekent dat we zeker 60 procent van de inhoud van onze kledingkast onderbenutten – lees: eigenlijk niet nodig hebben.

Siegle berekent dat we met 21 nieuwe aankopen per jaar ruim kunnen voldoen aan onze behoefte aan een verfijnde garderobe. Dat is een flinke besparing, want nu kopen we gemiddeld 102 kledingstukken per jaar. Maar denk alleen al eens wat een geld het zal schelen als we die 81 overbodige niemendalletjes in de winkel laten hangen…

dinsdag 8 februari 2011

H&M krijgt bewuste stijl

Op dit moment hangt een opvallend uitgebreid assortiment aan biokatoenen kleding in de schappen van de H&M. Onder de noemer Sustainable Style presenteert de Zweedse fast fashion gigant vestjes, jurken, tops, rokken en – voor de heren – polo’s en overhemden van biokatoen. De groene collectie, die ook enkele items voor kinderen bevat, is makkelijk herkenbaar aan de groene labels aan de milieuvriendelijke kledingstukken.

H&M heeft het plan om in 2020 alleen nog maar biologisch of gerecycled katoen te gebruiken. Maar er is meer dan biokatoen, weet het bedrijf al. In april ligt er daarom een collectie van onder meer gerecycled polyester, biologisch linnen en tencel in de schappen van de H&M.

De Conscious Collection, waarin de modekleuren wit en beige een hoofdrol spelen, bestaat uit 69 items voor dames, heren en kinderen. Ook zijn er sieraden van gerecycled plastic. Het is de bedoeling dat er ieder seizoen nieuwe stijlen verschijnen in de Conscious Collection.

Slow wordt H&M met de groene collectie nog niet. De eerste Conscious Collection is – met minimalistische, romantische en preppy kledingstukken in modetint wit – uiterst fashionable. Maar dat een van onze grootste modebedrijven zich serieus bezighoudt met duurzaam geproduceerde materialen, zou wel eens een flinke stap in de goede richting van vergroening van de modewereld kunnen betekenen.

zondag 23 januari 2011

Een beter mens na een duurzame make-over?

Als je een make-over met duurzaam signatuur hebt ondergaan, dan heeft je kledingkast – ongeacht je kleurtype – een groener kleurtje gekregen. Maar ben je zelf ook een beter mens geworden? Met andere woorden: helpt een Slow makeover om groene modeconsumenten te kweken?

De afgelopen weken onderging Rita Hagan, een thuisblijfmoeder die in gepaste stijl aan het werk wil, een Slow makeover onder begeleiding van Claudia Hulshof, Nederlands eerste duurzame stijladviseur. Bij zo’n uitgebreid programma krijgt de deelnemer niet alleen adviezen over een persoonlijke stijl, kleurenpalet en garderobe, maar ook tips voor groene mode, natuurlijke make-up en verantwoorde huidverzorging. Die praktische adviezen lijken een ideaal recept voor het vergroten van het duurzaamheidsbewustzijn van modeliefhebbers.

‘We worden er bepaald niet slechter van als we nadenken over de gevolgen van ons handelen, in dit geval van onze aankopen’, zegt Claudia Hulshof. ‘Je kunt zelf beslissen niet meer mee te doen met het circus van fast fashion, trends en modegrillen, dat veel dierenleed, milieuvervuiling en uitbuiting met zich meebrengt.’ Een duurzaam stijladvies laat zien dat respect voor mens, milieu en dier niet ten koste hoeft te gaan van er goed uitzien. Want het idee dat verantwoorde kleding onverenigbaar is met high fashion is allang achterhaald. ‘Het gehalte aan hippie-achtige ontwerpen is weliswaar hoger bij duurzame mode dan bij reguliere, maar aan de andere kant merk ik dat vooral in de media de riedel 'geitenwollen sokken imago' steeds weer wordt herhaald. Het zou me daarom niet verbazen als journalisten een steentje bijdragen aan dit clichébeeld.’

Of haar cliënten een blijvende verandering ondergaan na een duurzaam stijladvies, vindt Claudia moeilijk te zeggen. ‘De reden dat ik een stijladviseur ben die in duurzame stijl is gespecialiseerd, is simpelweg omdat het voor mezelf zo belangrijk is. Alles wat ik kan doen om naast 'mooier' ook een beetje 'beter' toe te voegen, geeft me voldoening.’ Is een duurzame stijladviseur onmisbaar om modeliefhebbers een beetje duurzamer te laten winkelen? ‘Winkelen kan iedereen, en de meeste mensen zullen ook wel in staat zijn duurzame opties te vinden, als ze er moeite voor willen doen. Ik maak dat makkelijker doordat ik de weg weet en veel informatie bied via mijn website. Maar mijn meerwaarde is vooral gelegen in het feit dat ik kan helpen een stijl te vinden die bij jouw persoonlijkheid past en waar je aantrekkelijker in wordt. Vervolgens kan ik je helpen die stijl in een zo duurzaam mogelijke stijl te vertalen.’

Rita Hagan, die naar eigen zeggen een redelijk groen geweten heeft, denkt dat ze door de Slow makeover meer duurzaamheidsbewust is geworden. ‘Het heeft mijn ogen geopend om meer informatie te zoeken over duurzame kleding. Het heeft me ook doen realiseren dat ik niet echt wist wat duurzaam is en daar wil ik meer over weten. Ik dacht bijvoorbeeld dat katoen en leer duurzaam waren omdat het natuurlijke materialen zijn. Ik wist niet dat duurzaamheid ook wordt bepaald door de manier waarop het materiaal is behandeld.’ Een groene garderobe is daarmee nog niet eenvoudig te bereiken. ‘Ik denk dat er op dit moment niet voldoende mainstream duurzame mode is. Hopelijk zal er in de nabije toekomst meer keuze komen.’

zondag 7 november 2010

Dutch Fashion Awards 2010 weinig duurzaam

Iris van Herpen is de grote winnaar van de Dutch Fashion Awards 2010. De Nederlandse ontwerpster sleepte op 5 november maar liefst drie prijzen in de wacht, waaronder de belangrijkste: de Mercedes Benz Dutch Fashion Award met een waarde van 25.000 euro.

Hoezeer Van Herpen de prijzen ook verdient, een duurzame winnaar is ze niet. Van Herpen maakt trendgevoelige fast fashion – en dan ook nog van weinig verantwoorde materialen zoals leer.

Vanuit duurzaamheidsperspectief zou Bas Kosters, die dit jaar de internationale Incubator Award won, een meer voor de hand liggende winnaar zijn geweest. Het enfant terrible van de Nederlandse modewereld maakt graag gebruik van tweedehands stoffen, werkte samen met het verantwoorde jeanslabel Kuyichi en ontwerpt eigenzinnige creaties die het niveau van vluchtige high fashion overstijgen.

Een volledig duurzame Dutch Fashion Awards is vooralsnog een vergezicht. Maar naarmate ontwerpers zoals Rianne de Witte, Studio Jux en Van Markoviec meer aan de weg timmeren, wordt een duurzame kandidaat wel steeds waarschijnlijker…

vrijdag 8 oktober 2010

Fast fashion en duurzame mode vinden elkaar

Bij het Britse modebedrijf Topshop hangt binnenkort gerecyclede mode in de winkels. In de flagship store in Londen worden dit najaar voor het eerst kledingstukken verkocht van Goodone. Dit jonge Londense label staat bekend om het hergebruik van oude materialen.
De speciale collectie die Goodone heeft gemaakt voor Topshop bevat hippe items zoals leggings en zwarte jurkjes en wordt verkocht in de megastore in Oxford Street en via de website Topshop.com.

De samenwerking tussen Topshop en Goodone staat niet op zichzelf. De goedkope fast fashion keten verkoopt al verantwoorde producten van onder andere Annie Greenabelle en Swedish Hasbeens. En Goodone maakte al collecties voor Puma, supermarktgigant Tesco en Asos. Vergelijkbare voorbeelden liggen voor het oprapen. Zo ontwierp Stella McCartney al collecties voor Gap en Target. Het lijkt er dus op dat er steeds vaker een vruchtbare relatie ontstaat tussen fast fashion winkelketens en duurzame mode-initiatieven.

De recente commotie over C&A laat zien dat het samengaan van ultracommerciële modegiganten met duurzame initiatieven niet altijd van een leien dakje gaat. Het warenhuis gebruikt weliswaar veel biokatoen, maar is tegelijkertijd in opspraak vanwege unfair trade. Ook H&M en Primark, die nog al eens in het nieuws komen vanwege hun milieuonvriendelijke manier om oude collecties kwijt te raken, kunnen een flinke dosis extra duurzaamheidsbewustzijn gebruiken. Dat betekent voor ons consumenten dat we bij de spreekwoordelijke high street fashion maar beter uiterst alert kunnen blijven op wat we in het winkelmandje gooien.

zaterdag 2 oktober 2010

H&M gaat voor fast food prijzen

H&M staat al jarenlang bekend om budgetvriendelijke mode. Maar de prijzen zijn dit seizoen nog lager dan we gewend zijn. Een gestreepte jurk die nog geen vijf dollar kost, dat is fast fashion voor de prijs van fast food.

Volgens experts betekent de prijsdaling bij H&M dat producenten in de textielindustrie nóg meer onder druk gezet worden om snel te leveren – met alle gevolgen voor de kwaliteit van de producten en arbeidsomstandigheden van de werknemers. Dat zou niet alleen gelden voor de toeleveranciers van de Zweedse modeketen, maar ook voor andere fast fashion labels, die natuurlijk de concurrentie willen aangaan.

Het is verleidelijk om een jurk van vijf euro of een trenchcoat van twee tientjes te scoren. Maar wie enig duurzaamheidbewustzijn bezit, heeft goede redenen om niet voor die verleiding te bezwijken. Experts waarschuwen dat de kwaliteit van de ultragoedkope fast fashion niet om over naar huis te schrijven is. Daardoor zou H&M throwaway fashion propageren en dat is natuurlijk helemaal niet groen.

donderdag 30 september 2010

Protest tegen Prada

C&A kwam onlangs in het Nederlandse nieuws vanwege (vermeende) misstanden in een Indiase fabriek die kleding voor de keten zou produceren. Nu moet ook Prada het ontgelden. VPRO-programma Goudzoekers onthulde in een uitzending op 29 september hoe Prada kleding laat maken in Turkije.

In Turkije wordt steeds meer fast fashion geproduceerd. Het land dat hoopt toe te treden tot de Europese Unie ligt namelijk lekker dichtbij de afzetmarkt. En dat is een groot voordeel ten opzichte van andere lagelonenlanden, zoals India, Pakistan en China. Helaas laten de arbeidsomstandigheden voor werknemers in de textielbranche in deze landen nogal eens te wensen over. Zo onthulde Goudzoekers dat arbeiders in de Turkse fabriek waar onder andere Prada luxe mode laat maken, worden geïntimideerd en ze niet via een vakbond voor hun rechten kunnen opkomen.

De Schone Kleren Campagne heeft naar aanleiding van de uitzending van Goudzoekers een mailactie gestart. Iedereen die wil helpen om de positie van arbeiders in de Desa fabriek in de Turkse plaats Ducze te verbeteren, kan via de website van de internationale Clean Clothes Campaign een mail sturen aan de fabriek en de afnemers van deze producent (onder wie dus Prada!). Of dat het probleem gaat oplossen, is even de vraag want de CCC voert al sinds 2009 actie tegen de Desa fabriek.

woensdag 15 september 2010

Fast fashion versus slow fashion

Voor de gemiddelde retailer is slow fashion een vloek. Consumenten die nauwelijks nieuwe kleding kopen zijn de nachtmerrie van iedere winkelier. Zelfs winkels die het tempo van fast fashion giganten zoals Zara, H&M en New Look niet bijbenen, houden er om begrijpelijke redenen van om met grote regelmaat nieuwe collecties te kunnen verkopen.

Stylingwebsite Indemode schreef onlangs over een manier om slow en fast fashion te verzoenen. Een slimme detaillist doet er goed aan om te investeren in zowel snelle als langzame items, aldus de website. Met een mix van ultrahippe must-haves en tijdloze klassiekers is de winkel makkelijk gevuld, zou je zeggen. Winkeliers moeten wel aan hun klanten uitleggen wat het verschil is tussen beide soorten kleding, benadrukt Indemode. Dat wil zeggen: vertellen dat slow fashion ‘wordt gedreven door ontwerpers die weigeren mee te doen aan de waan van maandelijks nieuwe collecties, door productieprocessen die nu eenmaal tijd kosten (kwaliteit van grondstoffen, kwaliteit van afwerking), of door een voorkeur voor duurzaamheid en maatschappelijke betrokkenheid’.

Opvallend is dat Indemode slow fashion vooral aantrekkelijk vindt vanwege de mogelijkheid om er klanten mee te behagen. ‘Hoogwaardige, duurzame kleding kan immers ook in de buurt gemaakt worden. Daarvoor hoeven we niet naar het Verre Oosten. En als het in de buurt gemaakt wordt, kan het aanbod beter afgestemd worden op de vraag.’ En zo lijkt slow fashion bijna net zo klantgericht als fast fashion